Business Intelligence Kring - Webportal voor Business Intelligence

maandag
06
feb
  • Narrow screen resolution
  • Wide screen resolution
  • Auto width resolution
  • Increase font size
  • Decrease font size
  • Default font size
Interview Ton Muns Afdrukken E-mail
za 01 mrt 2003
Voor het interview van de maand maart, spraken we met de heer Ton Muns. Hij was projectmanager van de projectorganisatie HEO-ICT en is nu nauw bij het vervolg betrokken als programmamanager van HBO&ICT 2003.


Inleiding
HEO-ICT was een project dat onderwijsproducten heeft ontwikkeld in samenspraak met het bedrijfsleven. Het onderwijsmateriaal richt zich op Informatie en Communicatie Technologie (ICT), in eerste instantie voor bedrijfseconomen (BE) en commercieel economen (CE) van de HEAO’s in Nederland. Ofwel, ICT onderwijs in niet-ICT opleidingen inbedden. Daarnaast richtte het zich op ICT-deskundigheidsbevordering van docenten BE en CE en vooral op het inrichten van een kennisinfrastructuur waarin blijven kennisuitwisseling tussen mensen uit het bedrijfsleven en het hoger onderwijs plaatsvindt.

Waarom ICT in niet-ICT opleidingen? Achtergronden en Geschiedenis
De reden dat dit doel is geformuleerd, is gelegen in een onderzoek dat is uitgevoerd door de Taskforce “Werken aan ICT” (commissie Risseeuw). Zij bracht destijds advies uit aan de minister van Economische Zaken, wat resulteerde in het formuleren van tien ambities. De kern hiervan was dat ICT een uiterst belangrijke ontwikkeling is in de samenleving en dat het verbeteren van competenties van HBO’ers essentieel is. “In het begin wilde de Taskforce vooral méér ICT’ers: er dienden meer studenten voor een ICT opleiding te kiezen, waarbij de promotie zich vooral richtte op vrouwen en allochtonen”, aldus Muns. Later realiseerde men zich dat ook behoefte was aan het integreren van ICT vakken in niet-ICT opleidingen. De minister nam dit advies over en stelde samen met het Ministerie voor Onderwijs subsidie beschikbaar. De HBO-raad pakte deze uitdaging op en richtte twee projecten in: ICT in niet-ICT opleidingen en Duaal ICT.

Het project “ICT in niet-ICT opleidingen” is voorafgegaan door een pilotproject: HEO-ICT. Muns:” het gaat om gigantische bedragen, dus het is verstandig om eerst een pilotproject in te richten, alvorens het toe te passen op het gehele Hoger Onderwijs, dat wil zeggen HBO en Universiteit.”

Profiel Ton Muns
Muns had al veel ervaring met het vernieuwen van onderwijstrajecten bij de Hogere Economische School (HES) van Amsterdam. Hij was vanuit zijn rol als bestuursvoorzitter van het HOI bovendien al snel bij HEO-ICT betrokken. “Toen één ander meer duidelijk werd, ben ik gevraagd de rol van projectmanager te vervullen en heb ik die uitdaging aangepakt. Het leek me een enorme uitdaging om het nu op landelijk niveau te organiseren.”
Muns heeft wiskunde gestudeerd en is na een aantal jaren als docent op de HES begonnen, waarna hij zich vooral concentreerde op onderwijsvernieuwing. De vele jaren ervaring in de onderwijswereld zijn van pas gekomen bij het vervullen van de functie van projectmanager.

Themakringen: lijm tussen partijen
Een belangrijke stap in het project was het definiëren van zogenaamde themakringen. De themakringen zijn eigenlijk deelprojecten binnen HEO-ICT, zo bestaan bijvoorbeeld de Experience Marketing Kring, de ERP Kring en natuurlijk de Business Intelligence Kring. Het doel van het implementeren van deze kringen was (en is) het inbouwen van betrokkenheid. “Docenten zijn namelijk echt mensen die hun eigen winkel runnen en niet snel bloot geven hoe ze één en ander aanpakken. Om het onderwijs te vernieuwen en de steun van docenten te krijgen, is betrokkenheid onontbeerlijk”, zo stelt Muns. De docent kreeg een centrale rol in het proces, een rol met veel invloed en verantwoordelijkheid. Dit werkte.
“Natuurlijk ging dit niet vanzelf, zeker in het begin was het vooral een kwestie van heel zorgvuldig achternazitten, er was zeker sprake van een hoog missionaris gehalte. Maar dan nemen de early adapters het over en merk je dat er iets begint te leven.”
Het doel van de themakringen, het vernieuwen van het onderwijs met behulp van inbreng van de docent én betrokkenheid van het bedrijfsleven, is gehaald.

De BI-kring en andere Kringen
“Het interessante van de diverse kringen is dat ze elk hun eigen sfeer en organisatievorm hebben. Dat laten wij ook allemaal toe, omdat wij ook niet alle wijsheid in pacht hebben.”
De BI-Kring wordt door Muns gekenmerkt als een zeer dynamische. Enthousiast vertelt hij: “Ze doen daar van alles, hebben veel initiatieven en zijn erg creatief bezig. Dat heeft in het verleden bij ons wel eens het gevoel opgeroepen dat we dachten dat de BI-Kring een onderneming op zich zou worden, en dat is natuurlijk niet de bedoeling.” Het is belangrijk dat de BI-Kring de rol van interface tussen HEO-ICT, docenten en bedrijfsleven blijft vervullen om het onderwijs structureel te vernieuwen. “Maar verder ben ik bijzonder tevreden met de ontwikkelingen van de BI-Kring en hun Portaal, zij zijn trouwens de enige kring die een portaal heeft!” De combinatie van reële bijeenkomsten (workshops, symposia) en de ondersteuning van een virtuele ontmoetingsplaats is een sterke; ze zijn complementair.

Onderwijsmodule
Een belangrijk item op het BI-Portaal is de onderwijsmodule. Het is de bedoeling dat de module die bestaat uit drie cases, in september van dit jaar zal worden gebruikt door vijf Hogescholen. Eén van deze cases, de Cognos Case, is nu al op het BI-Portaal te vinden en de andere cases zullen spoedig volgen. ”Uiteindelijk gaan we naar een van betalende Hogescholen, de centrale ontwikkeling ligt in handen van HBO&ICT”. Muns verwacht dat over ongeveer drie jaar de diverse onderwijsproducten grootschalig zijn ingepast in de curricula.

Op de vraag hoe de rol voor docenten op het BI-Portaal verder kan worden uitgewerkt, antwoordt Muns hoofdzakelijk met ‘kennis en ervaringen delen’. “Het is van belang dat de onderwijscultuur meer open wordt, zodat kennisdelen meer kan plaatsvinden dan nu het geval is. Het Portaal wordt een ontmoetingsplaats voor docenten, waar zij bijvoorbeeld ervaringen met betrekking tot onderwijsmateriaal zoals presentaties, reviews van boeken et cetera kunnen uitwisselen.” Het is dan ook belangrijk dat er voor docenten materiaal te vinden is op het Portaal, zoals bijvoorbeeld nieuws en evaluaties van de door HEO-ICT ontwikkelde onderwijsproducten.

De toekomst van het BI-Portaal
Muns ziet de toekomst van het BI-Portaal positief tegemoet. De samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven beviel beide partijen bijzonder goed en zal gecontinueerd en verder uitgebouwd worden. Zo staat er een toekomstige joint venture op stapel van SURF en de Digitale Universiteit (DU). Deze joint venture, genaamd Educatieve Service Provider (ESP), wordt “de plaats voor het Nederlandse hoger onderwijs als het gaat om de distributie en het onderhoud van digitale onderwijsproducten, inclusief de daarbij noodzakelijke ondersteuning” (uit: De Educatieve Service Provider, een sterke propositie).
Volgens Muns heeft het BI-Portaal hierin een voorbeeldfunctie: “Het BI-Portaal kan een grote rol vervullen in deze joint venture.”